Todo sobre mi madre

28 Apr
Made by Corina Karstenberg © 2020 Heerlen

My First Orange

27 Feb

Made by Corina Karstenberg © 2020

My mother told me when #WWII was ending a group of #US soldiers where staying in the garden of their house. She lived in a large house at the entrance of a #coalmine #Schaesberg One of them gave her an orange she never had seen or eaten before. She kept the orange for 3 days #Art

De vlucht naar gisteren.

31 Jan

“Kom op loop nou door en treuzel niet zo”, zegt Erica op gebiedende toon tegen Hendrik, die aarzelend om zich heen kijkt en twijfelt of het wel veilig genoeg is om het zebrapad over te steken. Dwingend klinkt haar fluitje waardoor hij van schrik met een klein sprongetje in de lucht zijn weg naar de overkant in gang zet. Sinds Hendrik met zijn familie in Limburg is komen wonen vanuit Drenthe, uit Hoogeveen, heeft zijn vertrouwen in volwassenen een flinke deuk opgelopen. Hij wist, hoe klein hij ook was, dat zijn familie onder grote armoede te lijden had in Drenthe en dit de reden was waarom zij naar Heerlen verhuisd waren omdat daar door het opgraven van kolen als mijnwerker veel geld te verdienen was. Vader en moeder hadden heel wat monden te voeden, en waren ondanks hun protestantse geloof toch naar het katholieke Zuiden getrokken.

Maar voor hem als kleine jongen had deze keuze grote gevolgen. Niet alleen de hunebedden hadden hem altijd veel plezier gegeven door er om heen te ravotten, en toen hij wat groter werd erop te klimmen en zich in te beelden dat hij een soort van Robin Hood was, die vocht tegen de schavuiten die de landerijen plunderden voor hun eigen gewin. Nee, het was ook de gedachte dat hij op dit stukje grond zijn eerste voetstappen had gezet, er zijn eerste woorden hadden geklonken die een echo waren van nog niet beleefde verhalen. Nee, nu moest hij zich op de basisschool verweren tegen die rare kinderen met hun vreemde tongval omdat hij anders sprak dan hen en een ander geloof had dan de rest van de klas. Hij verstond niets van hun vreemde taaltje, maar de pijn van het treiteren ging hem door merg en been, daar hoef je geen taal voor te verstaan. De taal van het buitensluiten heeft geen woorden nodig.

Erica, fietste snel naar huis en hoopte nog op tijd te zijn om het hoorspel “De vlucht naar gisteren.” te horen. Een spannend verhaal dat vertelde over de tijd dat er nog geen auto’s en vliegtuigen waren, en de tijd een stuk trager was dan vandaag de dag. ‘Wat vliegt de tijd’ is sindsdien een gevleugelde uitspraak van haar. Nog niet zo lang geleden was haar interesse voor geschiedenis gegroeid. Dit had vooral te maken met de nieuwe baan die zij sinds kort bij de politie had. Het was 1953 en zij was de allereerste vrouw die voor de politie in Nederland mocht werken, in de gemeente Heerlen om precies te zijn. De kranten hadden er vol mee gestaan. Het was zelfs op het Polygoonjournaal geweest. Een paar maanden geleden had zij per toeval de vacature in de krant zien staan. Het verbaasde haar in eerste instantie, een vrouw bij de politie, het zal toch niet waar zijn. Maar nadat ze de tekst goed had gelezen en erover was gaan nadenken, leek het haar een uitdagende functie die goed bij haar paste. Als politievrouw werkte zij vooral met kinderen, gaf verkeerslessen, en verzorgde de strafklassen voor de kinderen die ondeugend waren geweest en niet wilden luisteren. Opmerkelijk vond ze wel dat zij en haar andere vrouwelijke collega’s niet gebruik mochten maken van de hoofdingang zoals haar mannelijke collega’s. Nee, zij moesten via de zijingang het bureau binnen gaan.

Trudy liep langzaam door de Saroleastraat met haar rollater op weg naar de gokhal tegenover het nieuwe politiebureau, dat toch ook alweer heel wat jaren oud was. Heel vervelend dat zij iedere keer die jonge vrouw tegen kwam die vrolijk pratend met haar meeliep, totdat zij door kreeg dat Trudy haar liever kwijt dan rijk was en dan teleurgesteld een andere kant op liep. Zij hadden wel een band met elkaar gekregen in de loop van de jaren, maar haar helemaal vertrouwen…..ze wist het niet.

Trudy die al ver in de negentig was en zo goed als blind, kon zich zelfstandig behoorlijk redden en werd waarschijnlijk beschermd door de mensen die zij tijdens de oorlog had geholpen met onderduiken, waarvan iedereen ondertussen al overleden was. Sommigen die haar door de stad zagen lopen en wisten wat zij als verzetsvrouw gedaan had tijdens de oorlog, fluisterden tegen elkaar dat zij heel wat beschermengelen moet hebben. Vooral nadat haar man Herbert was opgepakt werd zij nog actiever in het verzet dan ze al was, tot dan toe mocht ze vooral de kleine klusjes doen. In het diepste geheim nam zij zijn verzetswerk over. Hoe vaak had zij wel niet valse paspoorten achter haar Mariabeeld verstopt voor het geval die achterbakse verraders van de NSB quasi geïnteresseerd bij haar langskwamen om te kijken of alles in orde was nu zij er alleen voor stond met haar dochter. Zij had deze gasten wel in de smiezen en was zich heel goed bewust om NIEMAND te vertrouwen, de vriendelijkste man kon zomaar de duivel zijn. Haar dochter had zij voor de zekerheid naar een kindertehuis in Meersen gebracht waar zij geen gevaar liep. Dit heeft haar dochter haar nooit vergeven, hun relatie is altijd gebrouilleerd gebleven waar Trudy veel verdriet van heeft gehad. Er is geen vlucht naar gisteren, de tijd is niet terug te draaien, en de keuze die zij toen heeft gemaakt zou zij ondanks dit zware tol nu weer maken. Haar dochter ten spijt.

Ali zag haar iedere keer lopen aan de overkant, als hij achter zijn bureau zat om de paperassen in te vullen die bij het politiewerk horen, naar de gokhal die vroeger nog een filmzaal is geweest. Sinds het moment dat hij haar voor het eerst naar binnen zag gaan vroeg hij zich af wat een oude vrouw zoals zij daar ging doen. Hij kon zich haast niet voorstellen dat zij ging gokken, maar sinds hij werkte als agent stond hij nergens meer van te kijken. Hij groeide op in de jaren zeventig van de vorige eeuw in een straat waar geen enkel gezin woonde zoals zijn familie. Zijn vader en moeder geboren in Marokko waren hun geluk in Heerlen gaan beproeven, en woonden met hun zeven kinderen in een eengezinswoning zoals zo velen. Voor zover hij wist was iedereen in de straat katholiek, de meeste kinderen deden de communie op de basisschool. Hij vond het allemaal maar wat interessant, alleen zijn ouders geloofden in de Islam en voedden hem en zijn broertjes en zusjes in die traditie op. Het was een tijd waarin nog weinig bekend was over de Islam in Limburg. Eigenlijk door de mijnwerkers uit Marokko en Turkije was het geloof in deze regio neergestreken.

Het was geen gemakkelijke tijd en zeker niet de jaren die aanbraken nadat haar man weer terugkwam uit het werkkamp waar hij tijdens de oorlog gevangen had gezeten. Ineens moest Trudy weer hup terug de keuken in, als Herbert met zijn kameraden de gevolgen van de oorlog in de woonkamer gingen bespreken. Het enige recht van de vrouw was het aanrecht, een cliché maar helaas al te waar, iets waar zij zich tot op late leeftijd druk over heeft gemaakt. Tijdens de dodenherdenking ging ze ieder jaar een krans leggen voor haar kameraden die gesneuveld waren tijdens hun verzetswerk, en Herbert die niet lang na de oorlog overleden was. De ontberingen in het werkkamp hadden zijn tol geëist. Sinds enkele jaren kwam die mevrouw van het Anti Discriminatie Bureau haar ophalen om samen op 4 mei de krans te leggen. Vooral nu ze ouder was vond zij dit prettig, het gaf haar een veilig gevoel. Een nadeel was dat deze mevrouw heel nieuwsgierig was naar haar verleden en het heden. Tot op de dag dat Trudy besloot haar mee te nemen naar de gokhal.

Ali keek uit zijn raam en zag een oud-buurmeisje lopen waar hij mee op de lagere school had gezeten. Och kijk eens aan, zij loopt met de oude mevrouw mee naar de gokhal. Wat een wonderlijke ontwikkeling. Samen liepen ze de gokhal binnen. Onwennig keek Trudy de slecht verlichte ruimte in. Het geluid van de gokautomaten bromde haar tegemoet. “Kom mee naar die hoek”, zwaaide Trudy naar de mevrouw van het ADB, die verbaasd om zich heen keek. Het leek wel of alle leeftijdscategorieën vertegenwoordigd waren, van jong tot oud. In een hoek stonden de tachtig plussers waarvan Trudy de leading lady was. Zij fluisterde mij nog snel in het oor dat zij hier vooral kwam om de andere ouderen in de gaten te houden, zodat zij niet verslaafd aan het gokken zouden raken. En natuurlijk voor de heerlijke hapjes, en koffie en thee die gratis waren. Trudy rommelde een beetje in haar rollater en toverde er een stoffen tasje uit waarin haar geld zat, fier liep zij naar een trekautomaat en gaf er een flinke zwier aan ondertussen anderen commanderend wat te doen.

The sad truth is that most evil is done by people who never make up their minds to be good or evil – Hannah Arendt

Geschreven n.a.v. de debutantenschrijfwedstrijd Stichting Beter Schrijven Corina Karstenberg © 2020

Naomi Wadler – Never Again

15 Dec
Made by Corina Karstenberg © 2019

🎶 You cannot sing, if you cannot scream 🎶 Maria João Pires🎶

31 Oct

Made by Corina Karstenberg © 2019 Heerlen

It’s about love

11 Oct
Made by Corina Karstenberg © 2019

Hans, my neighbour

1 Oct
Portrait made by Corina Karstenberg © 2019

I guess I had my Malevich moment #Selfportrait

23 Sep
Heerlen, September 23, 2019

Montmartre aan de Maas

4 Sep

Last Saturday I could show my portraits at the Bonnefanten Museum in Maastricht. It was a beautiful day, with challenging meetings. It was the opening of the new cultural season, outside next to the Meuse under the cool shadows of the trees

Is he gone?

7 Jun
Made by Corina Karstenberg ©2019
%d bloggers like this: