Prison for Bitches

14 Jan

De videoclip Telephone van Lady Gaga & Beyoncé (2010) begint met beelden van een gevangenis. Eerst zie je zware beveiligingshekken die omgeven zijn met prikkeldraad. Op de achtergrond rijdt een trein voorbij, dichterbij staat een bewaker in papieren te lezen. Het beeld straalt rust en vrede uit. Maar dan krijgen wij de kans om een blik achter de gesloten deuren te werpen: op maandag 1 februari 2010 wordt Lady Gaga door twee enorm gespierde vrouwelijke bewakers naar haar cel gebracht in de Prison for Bitches. Er heerst een ruwe en gespannen sfeer, gevangenen roepen: “Gonna make you swim in your own blood, Bitch”, een andere zegt op diepe toon: “Hello Baby….” .

De camera’s die overal zijn opgehangen fungeren als de ogen van de buitenwereld en geven een afstandelijk beeld van de sfeer in de gevangenis. Tijdens het luchten loopt Lady Gaga stoer en zelfverzekerd rond. De overige gevangenen reageren zoals dieren op een nieuweling: zij onderzoeken, besnuffelen en testen uit. Via de camera kijken wij mee op de plek waar de vrouwen in een grote ruimte bij elkaar verblijven en worden we getuigen van een vechtpartij. Het is niet duidelijk waarom de vrouwen vechten, maar het gaat er hard aan toe. Het publiek (de overige gedetineerden) leeft luidruchtig mee, moedigt de vechtende vrouwen aan en is zwaar onder de indruk van de felheid en gemeenheid waarmee gevochten wordt.

Halverwege de videoclip komt Lady Gaga vrij uit de gevangenis. Beyoncé haalt haar op in een kleurrijk in vlammen gespoten auto genaamd Pussy Wagon. De eerste woorden die Beyoncé tegen Lady Gaga zegt zijn: “You’ve been a very bad girl, a very… very… bad… bad girl”.

Zijn er raakvlakken met de film Thelma & Louise (1991), waarin twee pioniers zich bevrijdden uit hun keurslijf, wat uiteindelijk zal leiden tot de dood? Zijn Lady Gaga & Beyoncé ook op weg zich te bevrijden uit hun moderne keurslijf, en maakt gewelddadigheid daar deel van uit?

Maandag 30 augustus 2010 berichtte de Belgische krant De Morgen dat in het Franse Saint-Quentin vijf meisjes (vier in de leeftijd van 14 t/m 17 jaar, en een jonge vrouw van 27 jaar) een vrouw van 27 jaar hadden mishandeld en verkracht in haar appartement. De tweejarige dochter van de verkrachte vrouw bevond zich tijdens de verkrachting in een andere kamer. De 27-jarige vrouw beschuldigde het slachtoffer ervan haar vriend te hebben afgenomen. Het gebruik van geweld door meisjes neemt toe, ook dichter bij huis.

Door mijn werkzaamheden als begeleider en coach van ´ontspoorde´ jongeren in Den Haag (Schilderswijk en Transvaal) kom ik met name in het afgelopen jaar steeds vaker meisjes en jonge vrouwen tegen die zijn opgepakt voor geweld naar andere meisjes toe, en die zich voor de kinderrechter moeten verantwoorden voor hun daden. De oorzaak van deze vechtpartijen lijkt vaak te vinden in ruzies over vriendjes en in jaloezie in het algemeen; de woorden “zij begon” lopen als een rode draad door de verhalen heen. Scheld- en vechtpartijen lijken een steeds belangrijker deel uit te maken van de vicieuze cirkel waarin de meisjes verstrikt zijn geraakt.

Recht van de sterkste

Een specifiek voorval met vechtende meiden trok begin dit jaar mijn aandacht. Voor de hoofdingang van een groot ROC in Den Haag had een vechtpartij plaatsgevonden tussen dertig meisjes en jonge vrouwen tussen 17 en 20 jaar oud. Door tussenkomst van de politie was de ‘rust’ wedergekeerd. Het incident was niet in de krant terechtgekomen, maar ons team werkt veel samen met het betreffende ROC en een docent vertelde ons van de vechtpartij. De docent had de gebeurtenis zelf geanalyseerd en geprobeerd de vraag te beantwoorden waarom het mis was gegaan. Sinds oktober 2008 beschikt het ROC over een nieuwe locatie aan het Leeghwaterplein; een modern megagebouw waarin een groot deel van de verschillende opleidingen van het ROC is samengebracht. Er is één gemeenschappelijke hoofdingang voor de jongeren. Bij binnenkomst verspreiden de jongeren zich over de verschillende studieafdelingen. De docent vertelde ons dat het ROC voorheen kleinschaliger was georganiseerd, met diverse locaties her en der verspreid in Den Haag. Elke studierichting was in een apart gebouw ondergebracht. Op deze manier was er meer controle mogelijk op het reilen en zeilen van de opleiding, en op de leerlingen die eraan deelnemen. De kleinschaligheid zorgde daarnaast ook voor een betere sfeer, en zelfs gezelligheid.

De grootschaligheid van het nieuwe gebouw en het grote aantal jongeren dat er dagelijks samenkomt, kunnen een belangrijke rol spelen in het uit de hand lopen van meningsverschillen. In het geval van de dertig jonge vrouwen escaleerde een meningsverschil in een enorme vechtpartij.
De massaliteit van het onderwijs heeft een grotere anonimiteit tot gevolg, waarbij het recht van de sterkste steeds meer lijkt te gaan gelden. Van de MBO-stagiaires die ik in de afgelopen twee jaren heb begeleid, heb ik te horen gekregen dat er tegenwoordig verschillende kampen op school bestaan. Of je zit in de ‘allochtone’ hoek, en je gedraagt je als een pure ‘allochtoon’, en je neemt daarbij een verbaal agressieve houding aan ten opzichte van degenen die niet bij jouw groep horen. Of je bevindt je in de ‘autochtone’ hoek, en je gedraagt je als een pure ‘autochtoon’ en je zet je op een verbaal agressieve wijze af tegen degenen die niet tot jouw groep behoren.

Uit de verhalen is gebleken dat er ook een middengroep is ontstaan. Met name jongeren die uit gemixte gezinnen komen, vormen een categorie apart. In deze middengroep bevinden zich meisjes (en ook jongens) die niet volgens de tegenstelling allochtoon-autochtoon willen of kunnen functioneren. Omdat ze een gemixte achtergrond hebben en het niet duidelijk is tot welke groep zij zouden behoren, of omdat ze zich niet in aparte groepen thuis voelen.

Ze keek vuil

Naar aanleiding van het voorval op het ROC en andere ervaringen in mijn werk, plaatste ik in maart dit jaar een oproep op de Feminismelijst voor actuele onderzoeken en artikelen over jonge vechtende meiden. Het doel van mijn oproep was inzicht te krijgen in wat er op dit moment allemaal speelt, welke benadering met name bij deze jonge meiden goed werkt en welke niet, en wat de meningen zijn over de oorzaken van dit gewelddadige gedrag. Ik ontving vele titels van artikelen waarvan een groot aantal rond 1998 is geschreven; dat jaar werd de Wet op de Kwaliteitszorg (1998) ingevoerd die scholen voor basis- en voortgezet onderwijs verplicht om verantwoording af te leggen over hun onderwijsbeleid en veiligheidsbeleid. Dit verklaart wellicht de stapel artikelen die juist in deze periode zijn geschreven, en die ook over gevallen handelen van geweld onder meisjes. Maar mijn oproep leverde ook recentere informatie op.

Een directeur van een middelbare school in de Amsterdamse Bijlmer schreef mij over een incident waarbij twee meisjes met een Surinaams Creoolse achtergrond, uit de tweede klas van het VMBO, samen een ander meisje met een Surinaamse achtergrond tegen de grond gooiden en haar sloegen en trapten. De omstanders (vrienden, klasgenoten en medeleerlingen) keken ernaar, filmden het en deden niets. Gelukkig kwam er een buurtbewoonster langs die het gevecht een halt toeriep. De schooldirectie diende vervolgens een klacht in en de politie haalde de meisjes op. De volgende dag verscheen het filmpje op YouTube, waardoor de schoolleiding de omstanders kon identificeren. De directie ondernam actie tegen de twee meisjes en ook tegen de omstanders. De meisjes werden van school verwijderd en de omstanders moesten onder andere met hun ouders op gesprek komen. De directeur heeft nog steeds geen informatie over welke straf de twee meisjes van justitie hebben gekregen. Het is zelfs de vraag of de school deze informatie mag krijgen. De politie gaf wel aan dat het steeds vaker voorkomt dat meisjes gewelddadig zijn, vaak is “Ze keek vuil” al genoeg reden voor een vechtpartij.

Naar aanleiding van het verschijnen van het jaarverslag 2009 jeugdcriminaliteit van het Openbaar Ministerie (OM), stelt landelijke jeugdofficier Linda Dubbelman in een artikel dat er sprake is van een daling van ernstige geweldsdelicten bij jongens, maar dat het opvallend is dat er een lichte stijging is op te merken bij meisjes. Ik heb contact opgenomen met mevrouw Dubbelman en in een telefonisch gesprek geeft ook zij aan dat de geweldsdelicten over het algemeen een vage oorzaak hebben: ”Zij roddelde over mij”, “Zij keek mij vies aan”, et cetera. Er is weinig voor nodig om de zaak te laten escaleren. In het gebruik van geweld zijn meisjes met een relatieve inhaalslag bezig, waarbij volgens het OM twee redenen een belangrijke rol kunnen spelen: een thuissituatie met verwaarlozing, misbruik (incest), en/of huiselijk geweld (mishandeling van de jongere zelf, of de ouders onderling), maar ook de groepsdruk is een enorme risicofactor.

Jongeren die in aanraking komen met justitie wegens geweldpleging, krijgen vaak een agressietraining aangeboden, vertelt Linda Dubbelman. De daders worden bij voorkeur in een individueel traject geplaatst, omdat dit het meest effectief blijkt te zijn. Achtergrond van de problematiek, en de vraag of je met meisjes of met jongens te maken hebt, zijn factoren die van belang zijn in deze aanpak.
Meisjes krijgen bijvoorbeeld bij De Waag, een centrum voor ambulante forensische psychiatrie in Rotterdam, een therapie om emoties te leren hanteren, met aandacht voor eigen beleving en trauma’s. Daarnaast heeft het OM van oudsher aandacht voor de onvoltooide gewetensontwikkeling bij de jongere. Dat laatste aandachtspunt speelt een belangrijke rol in het beoordelen en veroordelen van deze jongeren.

Overleven

Door ervaringen tijdens mijn werkzaamheden en de gesprekken die ik voer met mensen uit het werkveld, maar ook met de meisjes zelf, krijg ik enig zicht op wat er zich afspeelt tussen de meisjes onderling. Met zestien jaar is er veel gaande in je lichaam en geest. Het lichaam is volop aan het veranderen, en daarnaast gaat er geleidelijk aan een steeds grotere wereld open die jonge meiden, zoals iedere puber, beïnvloedt in hun gedrag. Onzekerheid en angst spelen een grote rol in het dagelijkse leven. Een veranderend lichaam, leren omgaan met seksualiteit en politieke onrust die jongeren beïnvloedt, zorgen ervoor dat de periode van adolescentie vaak een moeilijke en onrustige tijd is. De (groeps)druk van de directe omgeving (of dat nu familie, vrienden, leerlingen of docenten van school zijn), beïnvloedt je gedrag zowel positief als negatief. Het is maar net hoe stevig jij in je schoenen staat.

Ik wil benadrukken dat het gaat om meisjes in een heel kwetsbare fase in hun leven. Weliswaar moeten de meisjes verantwoordelijk worden gehouden voor hun daden, maar vaak hebben ze heel weinig invloed op hun leefomstandigheden, hun opvoeding en de onvermijdelijke hulpverlening. Als vervolgens ook de school geen ‘veilige haven’ blijkt te zijn, doen deze kinderen datgene wat zij in de loop van de jaren hebben geleerd, namelijk: overleven. En de beste manier om te overleven is je te verzekeren van de ‘relatieve veiligheid’ en ‘surrogaat nestwarmte’ die je in een hechte groep terug kunt vinden. De groep ontwikkelt een eigen dynamiek, en de vicieuze cirkel is rond. De overstap naar geweld is dan vaak gebaseerd op de gedachte: als niemand zich echt iets van mij aantrekt, waarom zou het een leeftijdgenoot beter vergaan?

Parallel aan de wereld van deze meisjes, zien wij in de wereld van de volwassenen dat individuele problemen niet worden opgelost, maar dat men steeds meer de veiligheid van de ‘eigen groep’ gaat opzoeken, om de problemen van de ‘andere groep’ op een veilige afstand te houden, te benoemen en te veroordelen.
Het is de vraag in welke type maatschappij en in welke type mensen wij als samenleving willen investeren. Onderzoek naar de problematiek van het toenemende geweld onder meisjes zal zich moeten richten op het efficiënt oplossen van de individuele problemen en het stimuleren van samenwerking en saamhorigheid.

Mijn oproep op de Feminismelijst en het schrijven van dit stuk heeft mij meer vragen dan antwoorden opgeleverd. Misschien is dit een begin van verder onderzoek.

Dit artikel verschijnt deze maand in het tijdschrift Raffia. Raffia is een informatief en opiniërend tijdschrift over sekse- en gendervraagstukken. Het wordt uitgegeven door het Institute for Gender Studies van de Radboud Universiteit Nijmegen en verschijnt vier keer per jaar.

Crone, E (2009). Het puberende brein. Over de ontwikkeling van de hersenen in de unieke periode van de adolescentie. Amsterdam: Uitgever.Bert Bakker

Openbaar Ministerie Hoopgevende daling recidive onder jeugd Zie: www.jaarberichtom.nl

Telefonisch gesprek met Linda Dubbelman Landelijke Jeugdofficier 09072010- Parket Rotterdam

Reef, J. Angst en depressie lijden tot probleemgedrag. In: Dagblad Trouw 19 mei 2010

De Waag is een centrum voor ambulante forensische psychiatrie van de Van der Hoeven Stichting.

(afp/dea/mvdb) Vijf jonge vrouwen verkrachten urenlang Française. In: De Morgen

http://www.demorgen.be/dm/nl/983/Nieuws/article/detail/1151161/2010/08/30/Vijf-jonge-vrouwen-verkrachten-urenlang-Francaise.dhtml

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: